Ik heb überhaupt, au fond, een bloody hekel aan het verminken van Nederlandstalige conversaties.

De jeuk wordt bij mij volkomen op het moment dat Nederlanders spontaan beginnen te kraaien dat ze flabbergasted zijn. Hoe lang hebben ze die onnatuurlijke term klaar gehad, op het puntje van hun tong, om het volkomen buiten de context te bezigen. Taal wordt namelijk gebezigd.

Mijn wortels liggen in Sint Oedenrode; aan de oevers van de mooie Dommel. Die oorsprong uit zich iedere week. Via internet lees ik op woensdag de Mooi Rooi Krant. Voor de mensen die van elders komen. Sint Oedenrode wordt Rooi genoemd in de streek en door de inwoners. Je bent Rooienaar of unne Rooise. Zoals Boschenaren die uit ’s Hertogenbosch komen.

Terug naar de Mooi Rooi krant. Ook dat blad gaat voorvarend met de tijd mee. Het is voornamelijk de kwaliteit van de inhoud en opmaak die het krantje doet groeien. Het vroegere dorpskrantje Midden Brabant (of zoals oude mensen zeiden “d’n Handelsvriend”) is niet meer.

Social media bestond al voordat er computers gebruikt werden. Hoe sociaal is een medium als buurten, een brief, een vertelling of een papieren krant. We kunnen niet om het feit heen dat met name de computer een flinke invloed heeft op ons taalgebruik.

Leenwoorden zijn waarschijnlijk zo oud als spraak. Het woord amahoela hebben we overgenomen van het Afghaans en het betekent daar precies wat het hier betekent. Het woord apparaat is afgeleid van een Russisch woord en het woord vork hebben we overgenomen uit het Frans waar het instrument “une forchet” wordt genoemd.

Terug naar Rooi (waar men eet met unne vurk). Daar hebben ze nu een bord op de markt gezet om aan te geven dat het een social area is. Dat is dus gewoon een Engelstalige uitleg van het woord “markt”. Mogelijk is het noodzakelijk omdat er heel veel ‘niet Nederlandstalige’ mensen naar Rooi komen die de markt op een verkeerde manier gebruiken. In dat geval neem ik alles terug.